De Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB)

Geplaatst op: 10 oktober 2019

Per 1 januari 2020 wordt de Wet Arbeidsmarkt in Balans, de WAB, ingevoerd. Er komen diverse veranderingen aan op het gebied van de ketenregeling, WW-premie, de transitievergoeding en de werkwijze met oproepkrachten. Het is belangrijk om er nu al rekening mee te houden.
Hieronder beschrijven wij de belangrijkste veranderingen die deze nieuwe wet met zich meebrengt.

Ketenregeling:
De ketenregeling van arbeidscontracten gaat weer naar 3 jaar. U mag met de werknemer weer 3 arbeidscontracten in 3 jaar afspreken. De tussenpoos om de keten te verbreken blijft 6 maanden. Bij CAO kan hiervan worden afgeweken. In de ketenregeling geldt een uitzondering voor:
- Werknemers < 18 jaar die gemiddeld niet meer dan 12 uur per week werkzaam zijn;
- Werknemers die de BBL-route volgen;
- Werknemers die na het bereiken van de AOW-leeftijd bij een werkgever in dienst treden;
- Tijdelijke invalkrachten in het basisonderwijs en speciaal onderwijs.

WW-premie:
Voor alle sectoren geldt een hoge en een lage WW-premie. Het verschil bedraagt 5% en is afhankelijk van het soort arbeidscontract (vast/tijdelijk) dat de werknemer heeft.
U mag de lage premie betalen voor:
- werknemers met een ondertekende schriftelijke arbeidscontract voor onbepaalde tijd met
  vaste uren, deze overeenkomst moet in de loonadministratie aanwezig zijn;
- BBL-leerlingen met een contract voor bepaalde tijd;
- jongeren tot 21 jaar die gemiddeld per loontijdvak niet meer dan 12 uur per week werken;
- parttime werknemers met een vast arbeidscontract die op jaarbasis maximaal 30% aan
  meer-uren werken.

De hoge premie geldt straks voor:
- werknemers met een tijdelijk arbeidscontract of die helemaal geen (schriftelijk) arbeids-
  contract hebben;
- werknemers met een oproepcontract of min-max contract;
- parttime werknemers die op jaarbasis meer dan 30% aan meer-uren werken.

Oproepers (0-uren, min-max):
Na 12 maanden dienstverband moet u de oproepkracht een arbeidscontract aanbieden voor het gemiddelde aantal uren dat in dat jaar is gewerkt. De oproepkracht hoeft het aanbod niet te accepteren, maar leg dit dan wel schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan kan de oproepkracht later alsnog een loonvordering bij u claimen.

Oproepkrachten moeten minimaal 4 dagen van tevoren schriftelijk worden opgeroepen. De werknemer mag weigeren om te verschijnen als niet aan de 4 dagen wordt voldaan. Zegt u de oproep korter dan 4 dagen van tevoren af, dan moet u alsnog deze uren betalen.

Transitievergoeding:
Iedere werknemer, zowel tijdelijk als vast, bouwt straks vanaf de 1e werkdag recht op een transitievergoeding op. Nu is dat nog pas na 2 jaar het geval. Transitievergoeding is verschuldigd indien het initiatief van beëindiging van het dienstverband bij de werkgever ligt. Wordt de transitievergoeding niet betaald, dan heeft de werknemer maximaal 3 maanden de tijd na beëindiging van het dienstverband om deze alsnog via de kantonrechter te claimen.

De berekening van de transitievergoeding wijzigt. De opbouw wordt voor iedereen 1/3 bruto maandsalaris per dienstjaar en is niet meer afhankelijk van leeftijd of duur dienstverband.
 

Payroll:
Payrollwerknemers hebben recht op dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die bij inlener in dienst zijn. De CAO bij de inlener geldt straks ook voor payrollwerknemers. Het uitzendbeding en de verruimde ketenregeling van contracten komt bij payroll te vervallen. Payrolling wordt dus duurder. Deze wijziging geldt niet voor uitzendkrachten.

© 2019 - Ontwerp & Realisatie door FIZZ | Digital Agency